Start Omhoog Weblog Politiek Papiermuseum Pont & Fietspendelboot 3B4 Cultuur & Sport Gestelde Vragen Voorstellen van John Motie /Amendement Commentaar Begroting Reacties op beleid

Omhoog

Accommodaties 3B4: geen huizenbouw, maar voorzieningen t.b.v. de ("natte") sport, cultuur & onderwijs

Artikelen:

4. Commentaar John Bartels / 3B4 Sport, Welzijn & Cultuur / raadsvergadering 28 oktober 2009

3. Commentaar John Bartels / CDA in de raadscommissie Inwoners d.d. 11 februari 2008

2. Commentaar CDA: "Een Quick Scan is geen legitimatie voor beleid" 11-09-06  

1. Commentaar John Bartels d.d. 14 november 2005

 

4.

Visie CDA 3B4 Sport, Welzijn & Cultuur / raadsvergadering 28 oktober 2009

   Besloten commissievergadering onzinnig!

 

3B4 Sport, Welzijn & Cultuur / 28 oktober 2009     Tekst; John Bartels

 

Voorzitter, vooraf wil ik opmerken, dat het CDA voor een transparante werkwijze is en wij het betreurd hebben dat door toedoen van de coalitie een commissoriale behandeling van dit voorstel onverwacht in beslotenheid plaatsvond. Ook achteraf gezien ontgaat ons de noodzaak ervan. We vonden het gênant te zien, dat veel burgers, die speciaal voor dit onderwerp uit Renkum waren gekomen voor de tweede keer weggestuurd moesten worden.

 

De essentie van het voorstel in hoofdlijnen conform de mening van het CDA

 

  1. Het CDA is voornemens in te stemmen om studiemodel 3 te ontwikkelen, zodat een fase van nadere uitwerking ter voorbereiding op de innovatieve PPS-aanbesteding kan volgen. Deze fase moet leiden tot een helder, eenduidig aanbestedingsdocument. Dit aanbestedingsdocument dient te bestaan uit een Programma van Eisen (PvE) met daarbij alle (rand)voorwaarden, alsook inbedding van de af te dekken (financiële) risico’s.

  2. We willen dat de gebruikers nauw betrokken worden bij het beheer en zeggenschap in het bijzonder ook m.b.t. de horecafunctie.

  3. Het beheermodel “rechtsvorm” heeft vanuit het oogpunt van continuïteit, zorg en verbondenheid onze voorkeur. Daarbij ligt samenwerking op onderdelen met een marktpartij voor de hand.

 

Enkele algemene kanttekeningen van financiële aard:

  1. De te verwachten inkomsten, die ingeboekt staan voor extra uitgifte van grond horen te worden ingeboekt als het bedrag daadwerkelijk is ontvangen.

  2. Het rapport Olco heeft geen rekening gehouden om het aanbestedingsvoordeel PPS als dekkingsmiddel in te zetten. Dat dient nog verwerkt te worden.

  3. Op 16 september behandelde de provincie Gelderland een nieuwe subsidieregeling voor de duur van 2009-2011. Het statenvoorstel getiteld “Drieluik sociale samenhang” omvat enkele miljoenen euro’s en heeft een relatie met bruisende voorzieningen, projecten die van onderop ontstaan en waar ontmoetingen centraal staan. Het is van belang hier meteen op in te schieten.

  4. Hetzelfde geldt voor de firma MSL, die de weg in subsidieland buitengewoon goed kent. Inschakeling van dit bedrijf is gelet op de door hen gegarandeerde kostenbesparing  gewenst.

  5. Duurzaamheidsfactoren zoals onder meer Koude Warmte Opslag moeten in beeld gebracht te worden.

 

Enkele overige algemene kanttekeningen:

 

Extra aandacht dient uit te gaan naar de veiligheidsaspecten, gevoeligheden inzake vandalisme en voorkoming van vervuiling (graffiti, zwerfvuil e.d.)

 

Een verkleinde nieuwe tennishal waarin i.p.v. 5 velden ruimte voor 4 velden zal zijn is conform de wens van de Stichting Bakkershaag. Wij steunen die wens, zodat rolstoeltennis eveneens het hele jaar door beoefend kan worden.

 

Het CDA pleitte voor zowel een kunstgrasveld als een natuurgrasveld. Overleg met DKOD heeft ons doen besluiten, dat met het in de variant 3 genoemde extra vergrootte kunstgrasveld (40x60) kan worden volstaan. Er zal overigens aandacht moeten zijn voor buitenverlichting, ruimte rond het veld voor publiek en een goede situering van de  kleedkamers.

 

Tenslotte: bij de uitvoering van dit complexe plan moet rekening worden gehouden met een verhuiscarrousel, bestaande voorzieningen worden gesloopt nadat de nieuwe zijn gerealiseerd. Het College verwacht de oplevering in 2014 en daarmee lopen we op de eerste verwachting uit. Het CDA zou een eerdere oplevering toejuichen.

 

John Bartels

3.

Visie CDA Renkum op sport  11 februari 2008

 

Preambule: “Sport als bindmiddel”

CDA Renkum: “Bij sport als doel gaat het om zinvolle vrijetijdsbesteding. Bij sport als middel wordt sport ingezet om doelstellingen op andere beleidsterreinen te bereiken. Sport is geen opzichzelfstaand beleidsterrein. Er zijn raakvlakken met bijvoorbeeld ruimtelijke ordening, welzijn, gezondheidszorg, vrijwilligerswerk, ouderen en onderwijs”.

 

Het CDA gelooft sterk in de waarde van sportbeoefening voor de gezondheid. Maar sport heeft ook een opvoedende en sociale waarde. 

Geen enkele sector van het maatschappelijke gebeuren telt zoveel deelnemers, activiteiten en structuren als de sportsector.

Sport is een bindmiddel. Het is een middel tegen verzuring, bevordert de integratie en brengt mensen dichter bij elkaar. 

Via sport komen jongeren in contact met belangrijke waarden zoals respect, fair play, doorzettingsvermogen, omgaan met emoties, weerbaarheid, vriendschap en omgaan met regels.

 

CDA standpunt in een notendop / Sportfaciliteiten Renkum/Heelsum

 

1.

Wat destijds gold, geldt nog steeds

 

De Rijnkom, aanvankelijk nog Centrale Accommodatie geheten moest zodanig komen te liggen, dat ze voor de dorpen Renkum en Heelsum geografisch gezien min of meer in het midden van het gebied hoorde te komen. Aldus besloot de gemeenteraad in april 1979.

 

De huidige locatie was ook ruimtelijk gezien gunstig en met openbaar vervoer goed bereikbaar (busverbinding).

 

Belangrijk was eveneens, dat de leerlingen van alle basisscholen de sporthal net als het zwembad vlot en zonder al te veel tijdverlies, konden bereiken. Met name voor de jonge kinderen is het nog steeds plezierig, dat ze op loopafstand naar Aquarijn kunnen om deel te nemen aan het schoolzwemmen. Voor veel ouders geeft het een veilig gevoel, dat een kind in de vrije tijd via keurig aangelegde stoepen of op de fiets lekker dichtbij huis kan sporten.

 

De start van de Rijnkom ging destijds primair om het realiseren van een ontmoetingsruimte met podium t.b.v. activiteiten op het gebied van cultuur en recreatie. Zo’n element hoort zeker centraal te liggen.

 

2.

Het toetsen van draagvlak bij burgers en organisaties

 

In tegenstelling tot andere politieke partijen heeft het CDA zich veel meer laten leiden door wat de bevolking graag zou willen zien gebeuren. Daarbij hebben we niet alleen organisaties maar vooral ook de individuele burger willen betrekken. Omdat het college op verzoek van het CDA geen (raadgevend) referendum heeft willen houden (schriftelijke reactie B & W d.d. 07-02-2007) en de gemeenteraad via de klankbordgroep waar de brief aan de orde was, dat idee niet overnam heeft het CDA een drietal onderzoeken gedaan: een beperkte straatenquête in 2006, een huis-aan-huis verspreide enquête in Renkum/Heelsum tegelijk met een gemeentebrede enquête via de Veluwepost in 2007.

 

Het CDA heeft daarnaast ook geluisterd naar organisaties en kennis genomen van diverse correspondentiestukken. We komen tot een definitieve visie/besluitvorming geënt op democratische verantwoord handelen, dat in overeenstemming is met het gewicht van de gevolgen van een te nemen besluit.

 

3.

Problemen bij uitplaatsen van voorzieningen naar het Wilhelminapark

 

Omdat het gebied binnen een straal van 1000 meter vanaf het buitengebied is gelegen dient er in het kader van Natura 2000 een inschatting te worden gemaakt naar de mogelijke aantasting van de kwalificerende waarden in gevolge deze wetgeving. Deze randvoorwaarde met eventuele gevolgen is niet onderzocht. Inmiddels weten we, dat ook “Vijf dorpen in ’t Groen” heftige kritiek heeft geuit en fel gekant is tegen clustering van de sport op het Wilhelminasportpark.

 

Clustering van sportvoorzieningen op het Wilhelminapark leidt o.a. tot een aanzienlijk meer behoef-te aan parkeergelegenheid. Bovendien zal er voor eventuele toekomstige ontwikkelingen, zoals een atletiekbaan, die in de winterperiode als ijsbaan kan fungeren in feite geen plaats meer zijn.

 

Het bouwen van (sport)voorzieningen louter en alleen aan de periferie heeft een keerzijde. Het was   in ons land een trend, die inmiddels achterhaald begint te worden. In dat verband wijst het CDA ook op  het gezamenlijk rapport (2005) van de landelijke NOC/NSF getiteld “Lokale Sportagenda”. Daarin wordt o.m sterk gepleit voor het gebruik van de BOS-impuls (Buurt Onderwijs en Sport), het stimuleren van sport in de wijk. Tevens waarschuwt NOC/NSF voor het te makkelijk realiseren van sportplekken uitsluitend naar de randen van woonplaatsen. Men pleit eveneens om verschillende redenen juist voor het (terug)brengen van sportvoorzieningen in woonwijken.

 

Een bepaalde categorie van ouderen is nog wel in staat om zelfstandig met de rollator of anderszins de afstand naar Renkum Centrum te overbruggen. Uitplaatsing maakt dat alles moeilijker.

 

Uitplaatsen betekent extra kosten en vooral geregel voor vervoer om schoolkinderen naar het Wilhelminapark te brengen. Gezien de wettelijke normafstand tussen school en de te gebruiken sportvoorziening kunnen we daar niet om heen.

 

Uitplaatsing leidt i.v.m. huizenbouw tot een zwaardere verstening van het gebied 3B4 en verlies aan groen, terwijl de bouwmassa op het groenrijke Wilhelminapark eveneens toeneemt.

 

4.

De visie van het CDA m.b.t. accommodaties en uitbreiding van voorzieningen op 3B4 voor zover nog niet aangegeven

 

De tennisvereniging Bakkershaag blijft op de huidige locatie. Dit i.v.m. de bestaande erfpachtovereenkomst, die in 2021 afloopt en de wens van een club waarvan veel jonge spelers in de directe omgeving wonen. 

Prijstechnisch gezien (investering en exploitatie) is nieuwbouw op 3B4 in feite niets duurder dan renovatie (zie het cijfermateriaal in de nota “sport”voorzieningen Renkum/Heelsum 2005). Nieuwbouw is voor het CDA een serieuze optie.

 

Een nieuw zwembad inclusief een 25 meter wedstrijdbad kan gebouwd worden aansluitend op het terrein van Bakkershaag. De ligging is van belang i.v.m. aansluiting op het openbaar vervoer, bereikbaarheid van ouderen en jonge kinderen alsmede de afstand van de basisscholen naar de voorziening in relatie tot het schoolzwemmen. Het Veenendaalse bad kan model staan. Door het nieuwe bad wat zuidelijker te situeren kan het bestaande bad in tact en in gebruik blijven tot het nieuwe zwembadcomplex gerealiseerd is. Zodoende kunnen alle gepraktiseerde zwemaan-gelegenheden onafgebroken plaatsvinden. Hiermee wordt een CDA belofte van 2002 richting RZC ingelost, alsmede de vrees van RZC, dat er een droogleggingsperiode zou kunnen ontstaan weggenomen. Het voorstel van het CDA aangaande continuering van het schoolzwemmen werd door een raadsmeerderheid m.u.v. GroenLinks, de PvdA en GB ondersteund, zodat de kinderen tijdens de bouwactiviteiten eveneens kunnen blijven zwemmen.

 

Het CDA wil een sporthal, een ruimte voor indoortennis en een toneelzaal met creativiteitsruimte, die qua oppervlakte niet onderdoen aan de huidige ruimten in de Rijnkom opnieuw gerealiseerd zien. In de tijd die voor ons ligt zal in verband met het rijksbeleid de buitenschoolse opvang enorm toenemen. Buitenschoolse opvang gecombineerd met activiteiten vanuit de sport, de sociaal culturele instellingen in relatie tot de afstand m.b.t. de basisscholen pleiten voor voorzieningen op 3B4. 

 

De relatie met de Wmo (zoveel mogelijk mensen met de sport mee laten doen) pleit qua ligging en bereikbaarheid eveneens voor 3B4, maar ook het succes van een Brede School is mede afhankelijk van de nabijheid van voorzieningen.

 

Vanuit het oogpunt van calamiteitenopvang is het van enorm belang, dat we in de woonomgeving gebouwen hebben waarin de bevolking opgevangen kan worden.

 

Graag willen we het korfballen op een tweetal kunstgrasvelden op 3B4 gerealiseerd zien. Het gebied 3B4 geeft voldoende ruimte om het een en ander uit te breiden en te herbouwen.

 

5.

Ten slotte

 

De visie van het CDA kent een groot maatschappelijk draagvlak. Het komt tegemoet aan de wensen van enkele honderden burgers, die aldus richting het CDA schriftelijk reageerden. Het commentaar van de samenspraakbijeenkomst als onderdeel van de vergadering van de raadscommissie Inwoners van 11 september 2006 spreekt eveneens boekdelen. De manager van het zwembad Aquarijn kan tevreden zijn en RZC krijgt wat ze graag wil zien. DKOD, RVW, de Dolle Instuivers worden evenals Bakkershaag op hun wenken bediend. Het CDA kiest voor een nog te amenderen scenario 2A met de mogelijkheid van zoals o.a. eerder genoemd nieuwbouw van het zwembad, het plaatsen van korfbalvelden. Wat het CDA betreft kan met de te komen voorziening t.b.v. “de natte sport” al begonnen worden.

 

Namens de CDA fractie, John Bartels

 

Bijlagen:

 

A

GROOT AANTAL RENKUMSE EN HEELSUMSE BURGERS ZEGGEN ‘NEEN’ TEGEN VERPLAATSING VAN SPORTVOORZIENINGEN

 

Al lange tijd leeft er de wens van het College van B en W in Renkum om de sportactiviteiten in en rondom de Rijnkom in Renkum te verplaatsen naar het Wilhelminasportpark te Heelsum. De CDA-fractie heeft hierover tijdens de gemeenteraadsverkiezing van 2006 een straatenquête gehouden met als resultaat dat het merendeel van de ondervraagden tegen de verplaatsing van sportvoorzieningen was. Het CDA heeft toen het College schriftelijk verzocht zelf een enquête te houden onder de inwoners over het voornemen de sportaccommodaties te verplaatsen. Daar dit geweigerd werd, heeft het CDA dit onderzoek zelf uitgevoerd.

 

Er zijn daartoe in Renkum en Heelsum ca. 5000 enquête formulieren huis aan huis verspreid door leden van de fractie en het bestuur. Daarnaast is het enquêteformulier ook gepubliceerd in de Veluwepost . Tevens kon er een formulier op de CDA-website worden ingevuld, of kon men met een e-mail reageren. In de enquête werden drie vragen gesteld over het wel of niet verplaatsen van de sport, het zwembad en de sociaal-culturele activiteiten.

 

De response bleek ruim 10 % te zijn, wat voor een dergelijk onderzoek bovengemiddeld is en dus als geslaagd mag worden aangemerkt. Door de omvang van de steekproef is de uitkomst representatief voor de mening van alle inwoners van Renkum en Heelsum. De uitkomsten hebben een nauwkeurigheid van plus of min 3 %. Tegen verplaatsing van de sportvoorzieningen naar Heelsum was ca. 78 % (dus tussen de 75 en 81% van de bevolking) van de ondervraagden, 85 % was tegen het verplaatsen van het zwembad en 92 % was tegen het verplaatsen van de Rijnkom zelf. Veel mensen gaven ook de reden van hun keuze aan.

 

B

De openbare themabijeenkomst van de PvdA op 21 november, waarbij de pers aanwezig was, ging over clustering van sportactiviteiten op het Wilhelminasportpark te Heelsum. De opkomst was redelijk, meer bekende dat onbekende gezichten. Leuk was te zien hoe de mensen bij de stelling “Alle sportvoorzieningen moeten naar Heelsum” massaal een “nee” demonstreerden door zich letterlijk aan één zijde van de ruimte op te stellen w.o. mensen van de PvdA, terwijl slechts een handjevol PvdA aanhangers voor de stelling waren en zich derhalve aan de andere zijnde van de ruimte opstelden…...

Opm. De PvdA heeft toegezegd een verslag van deze bijeenkomst te publiceren op hun website!

 

C

Bezien dient te worden in hoeverre de aanleg van kunstgrasvelden in Renkum bevorderd moeten worden. “Het onderhoud is gemakkelijker en de velden kunnen in dat geval zelfs bij vorst gebruikt worden. De aanwezigheid van kunstgrasvelden verhoogt activiteiten en is voor de amateurclubs aantrekkelijk”. (Uit: Kunstgras belicht / Uitg. Institute for Sport & Leisure Universiteit Twente).

   

Accommodaties 11 februari 2008.doc

2.

Tekst van John Bartels t.b.v. de vergadering raadscommissie Inwoners 11-09-06

 

 

Quick Scan & uitplaatsing sportvoorzieningen Renkum

 

Algemeen  

Het CDA pleit er nog steeds voor de sportvoorzieningen gelegen in 3B4 uit te breiden met  een wedstrijdbad, de bestaande gebouwen te renoveren dan wel over te gaan tot sloop en nieuwbouw.  

Waarom kiest het CDA voor handhaving voorzieningen in 3B4?

 

1.

Wat destijds gold, geldt nog steeds

 

De Rijnkom, aanvankelijk nog Centrale Accommodatie geheten moest zodanig komen te liggen, dat ze voor de dorpen Renkum en Heelsum geografisch gezien min of meer in het midden van het gebied hoorde te komen. Aldus besloot de gemeenteraad in april 1979.

 

De huidige locatie was ook ruimtelijk gezien gunstig en met openbaar vervoer goed bereikbaar (busverbinding).

 

Belangrijk was eveneens, dat de leerlingen van alle basisscholen de sporthal net als het zwembad vlot en zonder al te veel tijdverlies, konden bereiken. Met name voor de jonge kinderen is het nog steeds plezierig, dat ze op loopafstand naar Aquarijn kunnen om deel te nemen aan het schoolzwemmen. Voor veel ouders geeft het een veilig gevoel, dat een kind in de vrije tijd via keurig aangelegde stoepen of op de fiets lekker dichtbij huis kan sporten.

 

De start van de Rijnkom ging destijds primair om het realiseren van een ontmoetingsruimte met podium t.b.v. activiteiten op het gebied van cultuur en recreatie. Zo’n element hoort zeker centraal te liggen.

 

2.

Wat ook pleit voor het behoud van voorzieningen in 3B4

 

De tennisvereniging Bakkershaag zit niet te wachten op een verplaatsing. Zij hebben al eerder aangetoond waarom het verkassen slecht is voor hun jeugdleden, die nagenoeg allen in een beperkte cirkel van het huidig terrein woonachtig zijn. Bovendien ligt er ook nog een erfpachtovereenkomst ten gunste van Bakkershaag, die de gemeente destijds voor een looptijd van 75 jaar aan hen verstrekte.  

 

Het bouwen van (sport)voorzieningen louter en alleen aan de periferie een keerzijde heeft en in ons land een trend is geweest, die inmiddels achterhaald begint te worden. In dat verband wijst het CDA ook op  het gezamenlijk rapport (2005) van de landelijke NOC/NSF getiteld “Lokale Sportagenda” . Daarin wordt o.m sterk gepleit voor het gebruik van de BOS-impuls (Buurt Onderwijs en Sport), het stimuleren van sport in de wijk. Tevens waarschuwt NOC/NSF voor het te makkelijk realiseren van sportplekken uitsluitend naar de randen van woonplaatsen. Men pleit eveneens om verschillende redenen juist voor het (terug)brengen van sportvoorzieningen in woonwijken.
 

In de tijd die voor ons ligt zal in verband met het rijksbeleid de buitenschoolse opvang enorm toenemen. Buitenschoolse opvang gecombineerd met activiteiten vanuit de sport, de sociaal culturele instellingen in relatie tot de afstand m.b.t. de basisscholen pleiten voor voor-zieningen in 3B4.

 

Een bepaalde categorie van ouderen is nog wel in staat om zelfstandig met de rollator of anderszins de afstand naar Renkum Centrum te overbruggen. Uitplaatsing maakt dat alles moeilijker.

De relatie met de Wmo (zoveel mogelijk mensen met de sport mee laten doen) pleit voor 3B4, maar ook het succes van een Brede School is mede afhankelijk van de nabijheid van voorzieningen.  

 

Vanuit het oogpunt van calamiteitenopvang is het van enorm belang, dat we in de woonomgeving gebouwen hebben waarin de bevolking opgevangen kan worden. De Rijnkom voorziet op de huidige locatie in die behoefte!

 

3.

Problemen bij uitplaatsen van voorzieningen naar het Wilhelminapark

 

Uitplaatsing geeft geheid problemen met de EHS (Ecologische Hoofd Structuur) waardoor een bestemmingsplanwijziging niet mogelijk is wanneer kenmerken van het gebied worden aangetast, tenzij er geen reële alternatieven zijn. In het huidige geval is er sprake van een goed alternatief. Het gebied 3B4 geeft voldoende ruimte om het een en ander uit te breiden en te herbouwen.

 

Uitplaatsen betekent extra kosten voor vervoer om schoolkinderen naar het Wilhelminapark te brengen. Gezien de wettelijke normafstand tussen school en te gebruiken sportvoorziening kunnen we daar niet om heen.

 

Het milieu zal extra belast worden. Is er onderzoek naar gedaan m.b.t. de uitstoot van gemotoriseerd verkeer, dat bij uitplaatsing aanzienlijk zal toenemen?

 

Een zwaardere verstening van het gebied 3B4 is het gevolg.

 

4.

Een Quick Scan is geen legitimatie voor beleid

 

De voorzieningen betreffende de binnen en buitensport worden op één hoop gegooid. Het aanbrengen van scheiding tussen binnen en buitensport gekoppeld aan spreiding van voorzieningen is per definitie niet verkeerd.

 

Er wordt voorbij gegaan aan het aspect van culturele verschillen gekoppeld aan soort van sportbeoefening en onderliggende samenhang.

 

Uitplaatsing zou uiteindelijk wel eens een langdurig proces kunnen worden (bestemmingsplanwijziging), het vraagt diverse infrastructurele maatregelen, waarvan de kosten niet in beeld zijn gebracht en het is qua sociale veiligheid niet te vergelijken met 3B4.

 

Financieel voordeel voor vrijkomende gronden geeft de doorslag van de samenstellers van de scan om te kiezen voor uitplaatsing. Prijstechnisch gezien (investering en exploitatie) is nieuwbouw op 3B4 in feite niets duurder dan renovatie (zie nota “sport”voorzieningen Renkum/Heelsum 2005)

 

De resultaten van de scan zijn zeer betrekkelijk. Afhankelijk van de samenstelling van de wegingsfactoren is het niet zo moeilijk om een andere uitslag te krijgen. Het CDA neemt de conclusies uit de quick scan m.b.t. het uitplaatsen van zowel de binnen als buitensport niet over. Bij de behandeling van de nota Renkum Sport In Beeld ging onze voorkeur uit naar variant 3 (slopen en nieuwbouw op de huidige locatie). De essentie ervan onderschrijven we nog steeds.

 

Er wordt gesproken over voldoende draagvlak bij de sportverenigingen. Wanneer is voldoende voldoende? Op de intentieverklaring van verenigingen, die gaan voor uitplaatsing missen we bijvoorbeeld de tennisverenigingen en blijkt vervolgens het ondertekenen van de intentieverklaring niet door een ieder, zoals DKOD, zogezegd als verplichtend te worden beschouwd. Wat zegt het dorpsplatform van de locatieproblematiek? Wat vinden de scholen van het een en ander?

 

En hoe zit het met het draagvlak van de bevolking uit Renkum en Heelsum? Heeft de niet georganiseerde burger geen mogelijkheid van het uitbrengen van een stemadvies? Het CDA pleit niet alleen voor raadpleging onder de verenigingen e.d., maar ook voor het houden van een referendum. Wanneer het college sterk in haar schoenen staat en overtuigt is van haar voor te stane visie dan zou het houden van een adviserend referendum toegejuicht moeten worden.

 

Het CDA roept de lokale overheid op tot het houden van een referendum. Als het niet anders kan dan zal het CDA dat desnoods zelf organiseren.

1.

           

Veel geschreeuw   (geschreven door John Bartels  d.d.14-11-05)

 

Vanaf de start, eind jaren zeventig, maakte ik als vertegenwoordiger van de culturele verenigingen Renkum en Heelsum, deel uit van een gemeentelijke stuurgroep. Deze groep, ingesteld door de lokale overheid, beijverde zich om vorm te geven aan De Rijnkom, toen nog Centrale Accommodatie geheten. Deze voorziening moest zodanig komen te liggen, dat ze voor de dorpen Renkum en Heelsum geografisch gezien min of meer in het midden van het gebied hoorde te komen. Aldus besloot de gemeenteraad in april 1979. De huidige locatie was ook ruimtelijk gezien gunstig en met openbaar vervoer goed bereikbaar. Belangrijk was eveneens, dat de leerlingen van alle basisscholen de sporthal net als het zwembad vlot en zonder al te veel tijdverlies, konden bereiken. Met name voor de jonge kinderen is het nog steeds plezierig, dat ze op loopafstand naar Aquarijn kunnen om deel te nemen aan het schoolzwemmen. Voor veel ouders geeft het een veilig gevoel, dat een kind in de vrije tijd via keurig aangelegde stoepen of op de fiets lekker dichtbij huis kan sporten.

 

Dit soort voordelen valt weg wanneer Gemeentebelangen haar zin krijgt: woningbouw op bedoelde terreinen en verplaatsen van de natte en de droge sport naar het noorden van Heelsum. Die partij denkt met veel geschreeuw in de media met een nog nader uit te werken initiatief een groot draagvlak te krijgen. Afgezien van de waarde van het realiteitsgehalte van hun plannen is dat nog maar de vraag. Mij bereiken nu al signalen, dat de tennisvereniging Bakkershaag echt niet zit te wachten op een verplaatsing. Wil RCZ haar clubgebouw zomaar opgeven? Aanbouw, geheel of gedeeltelijke nieuwbouw kan ook op de huidige locatie plaatsvinden.

 

In hoeverre Gemeentebelangen echt durft te gaan voor het onderdeel 25-meter wedstrijdbad is voor mij ook nog de vraag. Toen het CDA na de afgelopen zomer in de raadsvergadering een motie indiende om in de loop van 2006  met de uitbreiding van een 25-meter wedstrijdbad te kunnen starten steunde geen enkele fractie het voorstel. Gemeentebelangen was uit die vergadering weggelopen, zodat ze ook nog eens haar verantwoordelijkheid ontliep. Bij de onlangs gehouden begrotingsbehandeling diende het CDA opnieuw een motie in om van andere partijen een uitspraak te krijgen, dat de gemeenteraad van Renkum een wilsverklaring zou afleggen, zodat middels een positief geluid richting de burger helderheid gegeven zou worden. Het CDA ving wederom bot. Gemeentebelangen en alle andere partijen, ook de VVD, die hoog van de toren blaast met uitspraken als “Renkum Sportdorp”, lieten het achterste van hun tong niet zien. Men wacht af.

 

Toch kunnen we uit de gemeentelijke eindrapportage over de haalbaarheidsscan 25-meter wedstrijdbad van Hopman & Andres Consultants BV d.d. 2 maart 2005 een aantal zaken concluderen. De politiek heeft in de meivergadering van 2005,  zoals dat zo mooi heet, er kennis van genomen. Feit is, dat het CDA momenteel nog steeds de enige partij is, die van begin af aan in verschillende raadsvergaderingen klip en klaar uitgesproken heeft, dat er een 25-meter wedstrijdbad moet komen! Terugkomend op het in de media gepubliceerde verhaal van Gemeentebelangen is het bijzonder opvallend, dat die partij met geen woord rept over het sociaal cultureel gedeelte van de Rijnkom. Qua opbrengst oninteressant, maar de start van de Rijnkom ging destijds primair om het realiseren van een ontmoetingsruimte met podium t.b.v. activiteiten op het gebied van cultuur en recreatie. Zo’n element hoort m.i. centraal te liggen. Gemeentebelangen geeft via haar geschriften aan dit belangrijk onderdeel geen aandacht. Ze ziet schijnbaar niet, dat het bouwen van (sport)voorzieningen louter en alleen aan de periferie een keerzijde heeft en in ons land een trend is geweest, die inmiddels achterhaald begint te worden. 

 

Tenslotte merk ik op, dat vanuit het oogpunt van calamiteitenopvang het van enorm belang is, dat we in de woonomgeving gebouwen hebben waarin de bevolking opgevangen kan worden. De Rijnkom of ze nu gerenoveerd of herbouwd wordt,  voorziet op de huidige locatie in die behoefte!

 

                                        

                          Voor meer informatie en/of aanmelding: ely.15 planet.nl    of   info  johnbartels.nl

 

 

                          John Bartels / Overhoff 15 / 6871 CZ Renkum

                          Telefoon: 0317 31 49 57 / Telefax: 0317 31 93 81